Reglement Persoonlijk Ontwikkelingsbudget (POB)
1. Doelstelling
De organisatie hecht grote waarde aan de professionele en persoonlijke groei van haar medewerkers. Om de duurzame inzetbaarheid en flexibiliteit op de arbeidsmarkt te stimuleren, stelt de werkgever jaarlijks een Persoonlijk Ontwikkelingsbudget (POB) ter beschikking. Dit budget is bedoeld voor het volgen van opleidingen, trainingen, cursussen of het aanschaffen van vakliteratuur die bijdragen aan de huidige functie of de bredere loopbaanontwikkeling binnen de organisatie.
2. Hoogte en geldigheid van het budget
Iedere medewerker met een vast of tijdelijk dienstverband van minimaal 16 uur per week heeft recht op een individueel budget van € 1.500,- per kalenderjaar (naar rato van het dienstverband).
- Het budget wordt aan het begin van het kalenderjaar (1 januari) toegekend.
- Niet-opgebruikte budgetten kunnen niet worden meegenomen naar het volgende kalenderjaar en komen per 31 december te vervallen, tenzij er vooraf schriftelijke afspraken zijn gemaakt over een meerjarig traject.
- Het POB kan niet in geld worden uitgekeerd.
3. Criteria voor goedkeuring
Een aanvraag voor de inzet van het POB dient vooraf via het digitale HR-portaal te worden ingediend. De aanvraag wordt getoetst aan de volgende criteria:
- De scholing moet aantoonbaar bijdragen aan de professionele vaardigheden van de werknemer of diens doorgroeimogelijkheden binnen de organisatie.
- Opleidingen met een louter recreatief of hobbymatig karakter (zoals sportieve workshops of taalcursussen ten behoeve van vakanties) zijn uitgesloten van financiering.
4. Faciliteiten en studieverlof
- Voor het afleggen van examens of tussentijdse toetsen die noodzakelijk zijn voor de afronding van de goedgekeurde studie, krijgt de medewerker doorbetaald verlof.
- College-uren en bijeenkomsten dienen in principe buiten werktijd te vallen. Indien dit organisatorisch niet mogelijk is, kan de leidinggevende schriftelijk toestemming verlenen voor studieverlof onder werktijd tot een maximum van 4 uur per week. Dit verlof wordt alleen toegekend indien de studie van direct en zwaarwegend belang is voor de huidige uitoefening van de functie.
5. Terugbetalingsregeling
Indien de totale kosten van een goedgekeurde opleiding of studie meer dan € 3.000,- bedragen (mogelijk gemaakt door het cumuleren van budgetten over meerdere jaren of een extra bijdrage van de werkgever), geldt er een terugbetalingsregeling bij tussentijds vertrek:
- Bij beëindiging van het dienstverband op initiatief van de werknemer binnen 12 maanden na het afronden van de opleiding, dient de werknemer 50% van de totale opleidingskosten terug te betalen.
- Bij vertrek tussen de 12 en 24 maanden na afronding bedraagt de terugbetalingsplicht 25%.
- Na 24 maanden vervalt elke terugbetalingsverplichting.