Salta al contenuto principale

Wat [gebeurt] er in de vergadering?

Wat [gebeurt] er in de vergadering? A2
Goedemorgen allemaal. Ik
vandaag de resultaten van het project. (presenteren)

Buongiorno a tutti. Oggi presento i risultati del progetto.

Ons team
nu aan de volgende stap. (werken)

Il nostro team sta ora lavorando al prossimo passo.

Wij
een positief effect op de verkoop. (verwachten)

Ci aspettiamo un effetto positivo sulle vendite.

Jullie
na deze presentatie vragen stellen. (kunnen)

Potete fare domande dopo questa presentazione.