Salta al contenuto principale

Tegenwoordige Tijd: Gezellig Bij Familie

Tegenwoordige tijd B1
We
altijd graag bij oma en opa op bezoek. (komen)

Ci piace sempre visitare la nonna e il nonno.

Mijn tante
meestal een heerlijke taart. (maken)

Mia zia di solito prepara una torta deliziosa.

De kinderen
nu buiten in de tuin. (spelen)

I bambini ora giocano fuori in giardino.

Opa
vaak grappige verhalen van vroeger. (vertellen)

Il nonno racconta spesso storie divertenti del passato.

Wij
gezellig samen een kopje koffie. (drinken)

Beviamo una tazza di caffè insieme piacevolmente.

Mijn neefje
net fietsen zonder zijwieltjes. (leren)

Mio nipote sta imparando ad andare in bicicletta senza rotelle.

Iedereen
van de warme sfeer hier. (genieten)

Tutti si godono l'atmosfera calda qui.

Ik
straks met het afruimen van de tafel. (helpen)

Più tardi aiuterò a sparecchiare la tavola.

Mijn nicht
hard voor haar examen volgende week. (studeren)

Mia nipote studia molto per il suo esame la prossima settimana.

Het
altijd zo fijn om hier te zijn. (zijn)

È sempre così bello essere qui.