Overslaan en naar de inhoud gaan

Adverbia van Tijd: Boodschappen en Winkelstraat

Adverbia van Tijd: Boodschappen en Winkelstraat A2
ga ik boodschappen doen in de supermarkt.
Ik heb
al veel gekocht, maar ik heb nog melk nodig.
De supermarkt opent
om 9 uur.
Ik hoop dat ze die speciale aanbieding
hebben.
komt er een nieuwe collectie kleding in die winkel.
ga ik misschien naar de bakker voor vers brood.
Heb je
die mooie schoenen in de etalage gezien?
De verkoper zei dat de voorraad
weer wordt aangevuld.
Ik moet
ook nog even langs de drogist.
Het is goed dat ik
tijd heb om alles te kopen.