← Terug naar overzicht Tegenwoordige tijd A2 Elke ochtend om acht uur Leeg 1 ik de apotheek. (openen) Ik Leeg 2 dan eerst de voorraad medicijnen. (controleren) Een klant Leeg 3 vaak al vroeg voor een recept. (komen) Ik Leeg 4 mensen over geschikte producten bij verkoudheid. (adviseren) Tussen de middag eet ik mijn broodje Leeg 5 de balie. Daarna Leeg 6 ik met het vullen van de schappen. (helpen) Soms Leeg 7 een huisarts voor een spoedgeval. (bellen) Mijn collega Leeg 8 uitleg over de bijwerkingen van een nieuw medicijn. (geven) We Leeg 9 de kassa en maken alles schoon. (sluiten) Na mijn werk Leeg 10 ik naar huis, moe maar voldaan. (fietsen) Volgende oefening → ← Terug naar overzicht